Wie mag er dood?

Voltooid leven

Wanneer is een leven voltooid? Dit is de vraag die centraal staat in mijn onderzoek. Regisseur Bram Jansen gaat een toneelstuk maken over dit thema. Hiervoor gaan we echte verhalen gebruiken. Er zijn mensen komen spreken die iets met het onderwerp “voltooid leven’ te maken hebben. De ene spreker wilt zelf dood, de andere spreker is zijn broer verloren aan zelfdoding, er is een priester komen vertellen om een andere kant van euthanasie te laten zien etc. We willen zo veel mogelijk kanten uitlichten en aan de hand van deze verhalen willen we een toneelstuk maken die vele aspecten bevat rondom het thema ‘voltooid leven’.

In dit dagboek/kladblok laat ik de loop van mijn project zien.

Een start
Vandaag heb ik een gesprek gehad met Bram Janssen. Hij is een regisseur en omdat hij mij laatst heeft zien spelen in ‘Jonge Wolven’ zijn we bij elkaar gekomen om te kletsen over mijn theatertoekomst. Ik heb altijd veel met theater gedaan, omdat het mij trekt een verhaal te vertellen op een absurde manier. Met theater kan je de andere kant vertellen van een verhaal en zo komt er een gesprek tussen mensen. Ik ben van mening dat door dit gesprek, wat mensen met elkaar aangaan, er meer begrip komt. Zo hoop ik de wereld wat dichter bij elkaar te kunnen brengen.

Tijdens het gesprek met Bram wist ik al dat ik Condor zou doen dit jaar. Ook wist ik dat ik bij Condor mijn drang om mijn verhaal te vertellen kwijt zou kunnen.
We hebben het gehad over de mogelijkheden; of ik mee zou gaan spelen, of dat ik dit project misschien zou kunnen gebruiken voor school, dit omdat het ook veel journalistieke doeleinden bevat.

Iets meer ‘body’
Er is enige tijd overheen gegaan, maar ik heb Bram weer gesproken. Vanaf nu zal het project echt gaan beginnen.

Het stuk zal gaan over jongeren en ouderen die niet meer willen leven. Welk traject moeten ze hiervoor doorlopen bij de doctoren? En wanneer mag je overgaan tot zelfdoding? In welke staat moet je hiervoor zijn? En waarom mag zij het wel en zij niet?
Dit zijn vragen die centraal staan in het stuk.
Het vooronderzoek ga ik leiden. Ik ga mensen in deze situatie vragen stellen en hier een verhaal van maken.
Deze verhalen zullen verteld worden door de actrices en acteurs

Haakse gedachten
Gisteren heb ik de eerste repetitie mogen bijwonen. De spelers kregen de opdracht om de volgende zin af te maken: Leven is….
Ook kregen ze de opdracht om een dialoog te schrijven tussen zichzelf en de dood. De gesprekken die hieruit kwamen waren bijzonder. Sommige schreven een dialoog die grappig was, maar er waren ook dialogen die bijna sprookjesachtig waren. Vooral het verschil in de teksten tussen jong en oud vond ik opmerkelijk. Bij de jongeren zag je nog een grote onschuld waarbij je voelde dat voor hen de dood nog op verre afstand is. Bij de ouderen was er al een groot bewustzijn over het thema. En daardoor ook al een sterke mening.  Zo vond speelster Ricky dat je al het recht hebt om zelf te bepalen hoe jij je leven wilt beëindigen. Ook schreef ze dat ze jaloers is op haar hond, die liefdevol wordt behandeld, maar wanneer hij pijn krijgt kan hij zo een spuitje krijgen. Dat wil zij ook
Hierdoor ontstond er een interessant gesprek in de groep waarin verschillende meningen naar voren kwamen;
– Je mag zelf bepalen wanneer je gaat
– Als je een mentale aandoening hebt als depressie, moet er eerst alles aan gedaan worden voor je mag overgaan tot zelfdoding
– Je mag nooit overgaan tot zelfdoding, omdat dat zo in de bijbel staat
– Je mag alleen gaan als je zoveel pijn hebt dat het ondragelijk is

Dit zijn allemaal meningen die haaks op elkaar staan. Dat er in een groep van vijftien mensen al zo veel verschillende kijken waren, zette mij aan het denken. Ik snap het dat wanneer iemand in een depressie zit je niet zomaar de stekker eruit kan trekken, maar ik vind ook dat wanneer iemand niet meer wil leven er niemand is die dit in de weg kan staan. 

Een dag, vol met van alles
Vandaag zijn mijn klasgenoot Wesley en ik naar het woonzorgcentrum Joannes Zwijssen in Tilburg geweest. Voor het stuk ben ik namelijk op zoek naar een bejaard persoon die veel ouderdomsklachten heeft en zelf wil bepalen wanneer hij/zij euthanasie krijgt.
Ook zoeken we een bejaard persoon die ons wil vertellen over zijn wens euthanasie te krijgen terwijl hij of zij fysiek nog ‘gezond genoeg’ is, maar wel ‘klaar is met leven.’
Het lastige van het onderwerp is dat het een gevoelig thema is. Door de mentale toestand waar de ouderen in zitten, wilde het zorgcentrum niet meewerken aan het project.
Hierna heb ik nog een zorgcentrum gebeld, maar ook zonder succes.

Dit zijn de vragen die we we wilde stellen aan de ouderen:
Waarom denkt u aan zelfdoding?
Wanneer is het leven voor u geleefd?
Bent u tevreden met hoe u het leven heeft geleefd? Zijn er nog dingen die u wilt in uw leven voordat u over gaat op zelfdoding?
Ziet u op tegen het traject?
Ziet u op tegen de natuurlijke dood?
Hoe stelt u zich het moment van zelfdoding voor?
Hoe denken uw naaste erover?
Stel, u mag niet overgaan tot zelfdoding, wat dan?

Ook heb ik mijn oma gesproken. Ik heb haar gevraagd of zij nog mensen in haar omgeving wist die hier ook mee kampen. Ze wist een “topvrouw van 89”. Zij is vorige maand overleden door middel van euthanasie, daarbij heeft haar vriendin haar enorm bijgestaan. Ama (mijn oma) zou mij in contact kunnen brengen met deze vrouw.

Verder heb ik samen met Wesley de documentaire TOO YOUNG TO DIE gekeken.
Deze had ik al eerder gezien, maar omdat ik me nu in het thema verdiep, werd ik me nu pas echt bewust van de betekenis. Dit was erg confronterend.
Het was een documentaire die gaat over jongeren die hun leven willen beëindigen en dat dit in onze maatschappij bijna niet voor te stellen is. Jongeren hebben nog een heel leven voor zich, dus moeten ze er nog wat van proberen te maken. In wat voor staat ze ook verkeren.
Er waren verschillende verhalen:

Nadia zat in de laatste fase van haar euthanasietraject. Ze heeft veel gesprekken gehad met haar psychiater om vervolgens een “go” te krijgen voor haar euthanasiewens.
Ook het verhaal van Maud wordt verteld. Haar verzoek werd afgewezen en daarom maakte ze zelf een einde aan haar leven.
De psychiater in de documentaire had een duidelijke mening. Hij vindt dat euthanasie onder jongeren niet mag. Deze mensen kan helpen met hun klachten en mentale toestand.
Wat hij zei vond ik erg mooi. De psychiater is bereid om door het vuur te gaan voor deze mensen. Maar toen ik de verhalen van Nadia en Maud zag, wist ik niet of ik het in alle gevallen met hem eens was. Vooral bij Nadia zag je dat het leven helemaal uit haar gezogen was. Ze had een posttraumatische stoornis, was depressief en had anorexia. Ze had niemand meer, behalve haar hondje. Nadia wilde zo graag dood en ik ben blij voor haar dat de euthanasie werd goedgekeurd.
Ook denk ik dat wanneer de artsen toestemmen in de euthanasiewens, de patiënt zich gehoord voelt. Hierin was een meisje in de documentaire een bewijs. Zij kreeg een “ja” voor haar euthanasiewens en een jaar later leeft ze nog steeds. Juist omdat ze zich geholpen en gehoord voelde door de goedkeuring.
Van beide gevallen vind ik iets te zeggen. Elk verhaal is anders en daarin moet iedereen persoonlijk begeleid worden. Ik heb geen antwoord op wat het “beste” zou zijn. Want dat is er niet, denk ik.

Documentaire TOO YOUNG TO DIE
“Mensen zeggen altijd: ‘Mensen die jong zijn die mogen niet dood gaan. Daarvoor moet je oud zijn.
Als je jong bent heb je nog een heel leven voor je
Niemand wil zijn kind begraven
Ik had gehoopt dat ik de reden zou zijn dat ze in leven wilde blijven.’ “

Docu: https://www.google.nl/amp/s/www.vice.com/amp/nl/article/d75897/de-jongeren-met-psychische-problemen-die-niet-verder-willen-leven


Jan

Ik merk dat het onderwerp me toch meer doet dan ik dacht. Ik ben er vol ingegaan, maar hierdoor heb ik niet overzien dat het toch wel een heel kwetsbaar thema is. Vandaag vertelde ik mijn lerares Bea dat ik nog op zoek ben naar iemand die euthanasie wilt, omdat hij/zij zo ziek is dat hij/zij niet meer verder wilt. Ze heeft me het nummer van Jan gegeven. Een heel goede vriend van haar, waarvan zijn vrouw 3,5 maand geleden is overleden aan euthanasie.
Ze was zo ziek dat ze niet verder wilde (66 jaar). Ik heb Jan opgebeld met de vraag of hij mee wilt werken aan het project. Ik heb hem uitgelegd dat ik verhalen aan het verzamelen ben en dat deze dan gespeeld zullen worden door de acteurs en actrices. Jan was een gemoedelijke man en kwam vriendelijk en eerlijk over. Hij zei dan ook dat hij wel overrompeld werd door de vraag, juist omdat het zo kort geleden is (3 maanden), maar ook omdat hij het verhaal een heel andere insteek heeft, dan wanneer iemand om persoonlijke redenen naar zijn verhaal vraagt. Gelukkig is Jan een theaterman en vond hij het erg mooi dat zijn verhaal tot een ander niveau word gebracht door middel van theater.
Zijn vrouw had kanker en is op 66 jarige leeftijd overleden door middel van euthanasie. Haar kanker was niet meer te verhelpen.

Jan komt 30 september zijn verhaal met ons delen.

Omdat Jan een zeer intelligente man, maar ook leraar is, heeft hij me meteen wat tips meegegeven:
– Voor en achternaam zeggen, en niet alleen de voornaam
– Meteen duidelijk zijn over wie “wij” zijn (in dit geval het Zuidelijk Toneel)

WAT IS JOURNALISTIEK?!
Ik heb nagedacht in wat voor vorm ik dit project wil gieten voor mezelf. Omdat de verhalen van de sprekers persoonlijk zijn, wil ik de verhalen meer body geven. Dit wil ik doen door de sprekers een gezicht te geven.  Ik wil een fotoreportage maken van de mensen die hun verhaal bij ons komen vertellen. Ik wil hen de zin; Maar toch ben/blijf ik… laten afmaken. Aan de hand van hoe de mensen deze zin afmaken wil ik iedereen persoonlijk mee nemen naar het kostuumhok bij het Zuidelijk Toneel. Samen met hen wil ik dan een outfit uitzoeken die slaat op de zin die ze hebben afgemaakt. Deze foto’s en zinnen wil ik bundelen.

Ik zelf ben helemaal enthousiast over dit project en mijn eigen invulling hiervan. Toch blijf ik twijfels houden. WAT IS JOURNALISTIEK?! Ben ik té kunstzinnig bezig? Behoord mijn project tot journalistiek? Dat zijn vragen die ik me blijf afvragen. Ik heb er al met meerdere mensen over gesproken, maar niemand komt er echt uit wat journalistiek nou echt is. Is dat persoonlijk? Mag ik dan alles maken waar ik zin in heb?

#$*&(&$(*!)(2(*$(&*(!*#

Nel
Vandaag heb ik Nel gesproken. Ze wil meewerken en dat is natuurlijk fantastisch. Haar vriendin, Elisabeth, zat in het begin stadium van dementie en daardoor wilde ze euthanasie. Ik vond het mooi dat Nel zei dat iedereen blij was dat haar vriendin dood mocht. Dat is een heel andere kant om te horen wanneer het gaat om de dood. Ze klonk opgelucht. Het was een kort gesprek. Nel komt de 23e.

Delen is een key
Vandaag heb ik mijn verhaal gedeeld met de klas. Vooral mijn worsteling wat betreft kunstzinnigheid heb ik uitgesproken. Ben ik in de goede richting bezig? Heeft het überhaupt iets te maken met journalistiek? Wanneer is iets nieuws? Wat vinden jullie van de fotocollage die ik wil koppelen aan het project? Is dát dan weer niet te artie?
Ik heb heel veel verheldering gekregen. Mijn klasgenoten zeiden dat die artistieke kant het juist ‘mij’ maakt. Bram zei dat over dit onderwerp al veel besproken en gedaan is, maar nog niet op deze manier en dat vond ik fijn om te horen. Ik merk dat ik toch wel bevestiging nodig heb, juist omdat het allemaal zo vrij is. Maar om de vraag te beantwoorden; Heeft dit project iets met journalistiek te maken? Dan is het antwoord: JA.
Ik ben bezig met de competentie researchen, omdat ik het vooronderzoek leid. Ik zoek verhalen van mensen die iets met het thema euthanasie te maken hebben. Het thema is actueel, informatief en het heeft een grote impact.
Ik ben bezig met de competentie publieksgerichtheid, omdat alle mensen van wie ik de verhalen verzamel iets hebben meegemaakt wat met euthanasie te maken heeft. Zo heeft Jan zijn vrouw verloren, omdat ze kanker had en hierdoor euthanasie wilde. Nel heef haar vriendin verloren door euthanasie vanwege haar ziekte dementie en Wesley heeft zelf in het traject gezeten.
Ik ben bezig met de competentie produceren, omdat ik mijn fotocollage wil koppelen aan het thema en hiervan wil ik een product maken.
Ik ben bezig met de competentie reflecteren, omdat ik mezelf continu vragen stel om dichter bij het onderwerp te komen, waardoor ik uiteindelijk de hoofdvraag kan beantwoorden. (Hoofdvragen: Welk traject moeten ze hiervoor doorlopen bij de doctoren? En wanneer mag je overgaan tot zelfdoding? In welke staat moet je hiervoor zijn? En Waarom mag zij het wel en zij niet?)

Mijn comeback
YES, ik ben weer totaal back in the game. Het gesprek van gisteren met de klas was Roy bijgebleven en daarom zijn we samen gaan brainstormen.
Hij stelde vragen als;
Waarom in een kostuum? (en met kostuum bedoel ik geen berenpak, maar mooie, uitnodigende kledij)
Waarom foto’s en geen filmpjes?
Door middel van deze vragen kwam ik steeds meer bij de essentie van mijn product.
Het is belangrijk dat ik elke stap die ik zet blijf bijhouden. In het gesprek ging het vooral om te termen ‘verkennen, verdiepen, ontwikkelen en delen’ en hoe deze toe te passen op mijn hoofdvraag ‘Hoe journalistiek te combineren met theatraliteit/kunstzinnigheid?’. Maar ook hoe deze toe te passen op mijn onderzoek over euthanasie.
Ik kan nu weer verder met mijn fotocollage. Ik wil Nel en Jan vragen of ze mee willen werken en of ze het niet te persoonlijk vinden om op de foto te gaan. Als ze mee willen werken kan ik gaan uitwerken hoe ik het precies wil vormgeven. Ik heb los kunnen laten dat journalistiek niet op een theatrale manier zou kunnen. Juist door mensen op een kunstzinnige manier te fotograferen vind ik dat je nog meer tot de kern komt, omdat er een extra dementie bij komt. Daarbij ziet het er ook nog uitnodigend uit om naar te kijken. Kunstzinnigheid laat ruimte over die tot nadenken leidt en ik ben van mening dat dit een mooie manier is om een verhaal over te brengen.
Eigenlijk zijn er dus twee eindproducten die ik wil leveren; het toneelstuk zelf en de fotocollage.

Wie mag er dood?
Net Bram aan de telefoon gehad. Het stuk gaat ‘Wie mag er dood?’ heten. De vorm wordt al wat duidelijker.  De verhalen die ik verzameld heb, gaan verteld/gespeeld worden door de spelers. Het wordt een soort documentaire voorstelling. Het mooie aan de vertelwijze van het stuk vind ik dat de spelers geen grote transformatie doormaken, maar het verhaal dicht bij zichzelf laten, zonder een echte rol te spelen.

Inzicht
Ik heb Jan gesproken en gevraagd of hij mee wil werken aan mijn fotocollage. Vandaag is het precies vier maanden geleden dat hij zijn vrouw heeft verloren aan euthanasie. Ik merk bij mezelf dat ik er soms te praktisch mee bezig ben en vergeet in wat voor chaos deze mensen op dit moment zitten. Ik vroeg Jan of hij op de foto wilde in andere kleren, maar hij was heel eerlijk. Hij zei dat hij door een gevoelig onderwerp als deze zich niet wilde ‘verkleden’. Hij wilde het niet theatraler maken dan dat het is en wil zo dicht mogelijk bij zichzelf blijven. Ik kreeg even een brok in mijn keel, omdat dit zo’n moment voor me was dat ik teveel met mezelf en mijn project bezig was. Ik heb zo goed en respectvol mogelijk proberen uit te leggen waarom ik het in deze vorm wil doen en dat begreep hij ook. Hij wilde wel neutraal op de foto en Jan wilde zelfs het rouwkaartje van zijn vrouw meebrengen.

Ook heb ik Albert vandaag gesproken. Een tijdje geleden had ik het er met hem over in de klas en hij vertelde over zijn moeder. Dat hij zijn moeder heeft verloren aan kanker en dat ze graag euthanasie wilde, maar dit niet mogelijk was door de lange duur van 3 maanden wachttijd. Ik heb Albert gevraagd of hij ook zijn verhaal wil komen vertellen en dat wilt hij. Ook wil hij meewerken aan mijn fotocollage.

Nel heb ik ook aan de telefoon gehad vandaag. Grappig om te zien hoe iedereen er zo anders in staat wat de fotocollage betreft. Nel vond het een goed idee en werkte er graag aan mee. Dit gaf me toch wel weer een beetje zelfvertrouwen in mijn project.

Wat me verder is opgevallen, is dat veel mensen te maken hebben met euthanasie. Als ik met iemand praat over waar ik nu mee bezig ben, weet iedereen wel iemand die met euthanasie te maken heeft gehad. Dat vond ik erg heftig, omdat ik niemand ken wie aan euthanasie is overleden. Het is voor mij een besef moment geweest dat het erg veel speelt. Ik word daardoor ook steeds nieuwsgieriger naar de vraag; Wanneer mag iemand dood?

De eerste gesprekken
Dit was een spannende dag. De eerste sprekers kwamen langs om geïnterviewd te worden.
Alles was in een theatrale setting geplaatst; in het midden stond een tafel met twee stoelen eraan. Een stoel links, een stoel rechts. Op de tafel stonden twee microfoons. Om de tafel heen stonden alle stoelen in een kring. Ook stond het theaterlicht aan.
Het was de bedoeling dat de spreker links aan de tafel ging zitten, en dat alle spelers die vragen wilde stellen in de kring, op de rechter stoel plaats konden nemen om hun vragen te stellen.

We hadden een voorgesprek met de vriend van Bram, die ook journalist is. We hadden het over ‘Hoe te interviewen?’ Het ging vooral over dat je vragen moet stellen waar je het antwoord graag van wil weten. Je moet de persoon vertrouwen geven door open vragen te stellen waar hij of zij geen ‘ja’ of ‘nee’ op kan antwoorden.

Als eerste kwam Albert vertellen. Ik vond het wel spannend, omdat hij bij mij in de klas zit en er via mij  was om over een gevoelig onderwerp te praten. Dit is natuurlijk anders dan wanneer je iemand niet kent.
Alles zou worden opgenomen en dat was nog niet naar mij gecommuniceerd, maar gelukkig was dat geen probleem.

Het gesprek kwam moeizaam op gang. Dit kwam omdat de spelers begonnen met vragen als; “Wat is je lievelingsdier?” Op een gegeven moment stelde Eva de vraag; “Hoe is het om hier te zijn om over je moeder te komen praten?” Dit was het begin van het ‘echte’ gesprek. Het viel me op dat Albert heel sterk in de situatie staat. Ik vraag me af hoe je zo in een situatie kan staan als dat je is overkomen; je moeder verliezen na dat er borstkanker geconstateerd is.
Albert vertelde dat als een vrouw de vijftig gepasseerd is er een borstkanker onderzoek komt. Sacha (de moeder van Albert) ging nietsvermoedend naar het ziekenhuis, maar toch bleek het meteen raak te zijn.
Albert vertelde rustig over zijn moeder, waardoor ik kon zien dat er veel trots was.
(…trots op mijn moeder)

Na Albert kwam Nel (75) haar verhaal vertellen. Nel is een vriendin van mijn oma en samen hebben ze in de feministen-beweging gevochten voor het vrouwenrecht. Ik ging Nel ophalen van het station en in de auto was er al een interessant gesprek tussen ons. Ze vertelde over haar zijn en dat ze zich geen man en geen vrouw voelde. Ze vertelde over de feministen-beweging. Ze stond hier midden in en behandelde thema’s als; je anders voelen dan de maatschappij, het vrouwenrecht maar ook euthanasie. Ik was heel blij dat Nel kwam vertellen, omdat het over meer ging dat alleen het euthanasie gedeelte.
Nel heeft tijdens ‘de ondervraging’ en daarna een grote stempel achter gelaten. Iedereen was weggeblazen door haar verhaal en hoe ze daar zelf in stond. Op een gegeven moment vroeg iemand aan Nel of ze niet vond dat degene die euthanasie wilde daar geen toestemming voor moest vragen aan de mensen om haar heen. “TOESTEMMING?! Wat is dat voor belachelijks?!”, antwoordde ze terug. Dat was voor mij genoeg om te weten hoe Nel in het thema staat.
Ook het grote verschil tussen Albert en Nel vond ik interessant. Door hun leeftijd en kennis over het leven en verschil in zijn hebben ze beide zo een andere connectie met euthanasie.
(…mezelf)

Na de interviews hadden we een nagesprek. De vraag was “Mag Elisabeth (vriendin van Nel) dood?” Aan de hand van deze vraag kozen de spelers ja of nee. Als je ‘ja’ koos liep je naar de linker kan van de zaal en als je ‘nee’ koos liep je naar de rechterkant. De meeste spelers kozen ‘ja’. Aan de hand van de meningen van de spelers gingen de ‘ja’s’ en ‘nee’s’ met elkaar in gesprek. Een vrouw die nee had gekozen kwam met een merkwaardige mening. “Elisabeth mag niet dood, omdat je je moet overgeven aan het leven. Ook aan de laatste fase hiervan.” Deze mening had ik nooit eerder gehoord en bleef me wel bij.
Een meisje die ‘ja’ gekozen had kwam met de opmerking “Leven is herinneringen. Als je die niet meer hebt, wat dan?”

Na dit gesprek viel me iets op. 3/4e van de spelers stemde ‘Ja, Elisabeth mag dood’. Ik vroeg me hierdoor af waarom de wet niet mee werkt, als de meningen toch wel duidelijk zijn.
Na deze conclusie werd ik weer vanaf de andere kant benaderd. Opeens begon een meisje uit de groep te huilen. Ze is 18 jaar. Haar vader zit in het eerste stadium van dementie. Hierdoor vond ze de vraag zo lastig, of Elisabeth wel dood mocht, omdat zij ook aan dementie leidde. Hierdoor werd mijn mening  de andere kant op gesleurd en doen de meningen van je omgeving, in het geval van de vader van de speelster, er zeker toe.

Deze dag was een erg heftige dag. Er waren veel momenten waarop ik geraakt was en dat ik met tranen in mijn ogen aan het luisteren was. De mensen die kwamen vertellen zaten er zo echt en puur. Dat is iets wat ik erg waardeer aan mensen. Oprechtheid en jezelf zijn.

Zoektocht naar meerdere invalshoeken
Al enige tijd ben ik in contact met Tom. Ik ken hem al een tijdje en we waren in gesprek gekomen over mijn project. Hij vertelde me toen dat hij ook te maken heeft gehad met euthanasie. Hij vertelde dat hij ook in het traject heeft gezeten en dat hij al een ‘ja’ had in het euthanasie traject. Om uiteindelijk euthanasie te mogen laten doen, heb je drie ‘ja’s’ nodig. Toch vond hij de lust in het leven terug en heeft hij het traject niet doorgezet.
Ik heb hem gevraagd of hij mee wil werken en of hij zijn verhaal wil komen vertellen. In eerste instantie zei hij; ‘ja’, maar hij begon te twijfelen. Ook omdat hij dichterbij mij stond, vond ik het lastig om hem toch te laten vertellen bij ons, terwijl ik wist dat hij twijfelde. Gisteren heb ik hem opgezocht en toen hij zei dat hij nog twijfelde heb ik zelf de knoop doorgehakt. Ik vond het te kwetsbaar om het aan te gaan en dat heb ik ook tegen hem gezegd. Ik zag ergens opluchting, maar ook een gevoel van verdriet in zijn ogen. Dit deed mij veel pijn en het raakte mij.
Ik ben wel blij dat ik de knoop heb doorgehakt en heb gezegd dat het mij beter lijkt het niet aan te gaan.

Hierna ging het project gewoon door. Dat blijft soms zo gek voelen…
Ik heb Juup gebeld, omdat het Bram interessant leek om ook iemand met het syndroom van down te interviewen over zijn/haar leven. De voorstelling gaat over euthanasie, maar omdat je tegenwoordig als ouders kan kiezen om je kindje met down weg te laten halen, leek dit ons ook een interessante invalshoek.  Ik heb samen met Juup aan een theatervoorstelling (DRIFT) gewerkt, waarin mensen met het downsyndroom de spelers waren. Ergens belde ik Juup al met een brok in mijn keel, omdat de vraag was, of hij iemand wist die zijn/haar verhaal wilde komen vertellen. Ik vond het lastig, omdat ik denk dat mensen met het downsyndroom een stuk gevoelig zijn en meer begeleiding nodig hebben. Vooral als het gaat om een thema als deze. Tijdens het gesprek met Juup kwam ik erachter dat ik liever niet iemand van van DRIFT wilde uitnodigen om te komen vertellen.

Wel gaf Juup me het nummer van Emma (32). Zij heeft het euthanasie-traject doorlopen en er werd bij haar borderline geconstateerd.
Ik heb haar proberen te bellen, maar nog geen gehoor gekregen.

Het leven is geleefd
“Krop jezelf er niet zo mee op, dan ga je eraan onderdoor.” Dit is wat mijn klasgenoot Wesley net tegen me zei. Misschien klopt het, maar ik zit zo in het onderwerp dat ik het maar moeilijk los kan laten. Het maakt me emotioneel en ik heb er al een paar keer om moeten huilen. Wat maakt het dat ik er zo emotioneel onder ben? Ik denk dat het vooral de oprechte en mooie verhalen zijn van de sprekers. Het laat mij nadenken over de dood. Een onderwerp wat liever word vermijd.
Ik herinner me dat ik vroeger heel erg bang was voor de dood. Foto’s waar iemand opstond die was overleden moesten weg uit huis en ik kon maar moeilijk slapen. Eigenlijk is de angst om dood te gaan nooit verdwenen. Ik heb periodes gehad dat ik bepaalde dingen niet at, schema’s volgde, van één bepaald bestek mocht eten, vroeg moest slapen, niet naar feestjes kon gaan of met vrienden kon afspreken, niet kon omgaan met mensen die ziek zijn/besmettelijke bacteriën met zich meedragen etc. en dit allemaal uit een bepaalde angst om ziek te worden of dood te gaan. Dit project laat mij inzien dat de dood ook iets moois kan zijn. Dat mensen met heel hun hart beslissen dat het leven voor hen voltooit is. Dat het gedaan is; het leven is geleefd. Maar wanneer beslis je zoiets? Wanneer is het leven dan “klaar”? Is dit iets persoonlijks? Gaat dat op gevoel?

Kiezen voor de dood
Vandaag begon de ochtend met de spelers. We zaten in dezelfde setting als wanneer er een spreker komt vertellen. Iwan (de vriend van Bram) was de journalist en stelde de vragen. Om en om ging er een speler aan de andere kant van de tafel zitten om de vragen te beantwoorden. De vragen waren; Ben je gelukkig? Wat maakt jou gelukkig? Heb je er al over nagedacht wanneer het leven voor jou voltooid is? Als je niet gelukkig bent, wat maakt het dat je dan toch de dag door kan komen? Etc. Ik merkte aan mezelf dat ik schrok van de antwoorden die er werden gegeven. Joyce, de vrouw die altijd sterk over komt en die er voor iedereen is, brak. Ze vertelde over haar eenzame bestaan en dat haar vriend (die ze nu een jaar ziet) het heeft uitgemaakt. Ze merkte een bepaald patroon en was daar heel verdrietig onder. Ook viel het me op dat veel jongeren in de groep depressief zijn. Dat vond ik erg om te horen. Dit betrok ik op mezelf; een van mijn beste vriendinnen is depressief en ik voelde schuldgevoel en vragen opkomen. Ben ik er genoeg voor haar geweest? Ben ik er te nonchalant mee omgegaan? Ben ik een goed luisterend oor? …

… In hoeverre kan je iemand bijstaan, zonder dat je het je eigen probleem begint te maken? Dat is een zoektocht waar ik nu in terecht ben gekomen.

De eerste spreker was Jan (65). Hij kwam het Zuidelijk Toneel binnen en ik was blij om hem te zien. Toen ik Jan voor de eerste keer aan de telefoon had, merkte ik al dat hij een bijzondere man was. Hij weet echt waar hij het over heeft en dat maakt dat ik hem warmtevol vertrouw. Jan is zijn vrouw 4 maanden geleden verloren. Ze had kanker en door de pijn wilde ze niet meer verder. Jan vertelde vol van passie en liefde. Hij kwam zo sterk over, maar op het moment dat hij brak schrok ik daar ergens een beetje van. Hij liet mij inzien dat verdriet en acceptatie goed samen kunnen gaan.
(…levenslustig)

Na Jan kwam Digna (70) vertellen. Ergens zag ik aan haar dat het leven uit haar gezogen was. Haar ogen waren groot en ze had ingevallen wangen. Digna zit bij een vereniging voor euthanasie (NVVE). Vanaf ze 4 jaar is, is ze al depressief. Alles aan het leven vind ze zwaar en ze leeft in een grote angst. De pil om er een einde aan te maken heeft ze al in huis. Ook haar man heeft deze al in huis.
Digna heeft bewust niet voor kinderen gekozen, omdat ze bang zou zijn dat haar kinderen hetzelfde in het leven zouden staan als zij doet. Haar ouders kampten met dezelfde psychische klachten als Digna, maar toch hebben zij wel 5 kinderen verwekt. Ik vroeg Digna of ze het haar ouders kwalijk nam dat ze haar op de wereld gezet hadden. “Ja”, zei ze, “Ik had liever niet geboren willen worden”.
Ik vind het zo lastig om in iemand hoofd te kruipen wat dit betreft. Digna had liever niet geboren willen worden, ze heeft de pil in huis, maar toch leeft ze nog? Dit klinkt misschien heel cru, maar ik vraag me zo erg af hoe dit werkt in iemands hoofd. Is het om het hef over je leven in eigen handen te nemen? Is het de regie willen hebben? Bij Digna was het bijna een revanche op het leven. Het leven heeft haar zo veel onrecht aangedaan waar ze niks over te zeggen had. Het leek net of ze schreeuwde; “FUCK YOU LEVEN, hier heb ik wel wat over te zeggen!”
(…blij)

Aan de hand van Digna’s verhaal ben ik ‘Moeders springen niet van flats’ gaan kijken. Een heel ander verhaal, maar ook iemand die in haar leven totaal verwoest is. De vrouw die in deze documentaire van een flat is gesprongen was zwaar ongelukkig en leed aan een ernstig stress syndroom. Doctoren wilde haar niet helpen met euthanasie. Na verschillende keren bij de zelfde flat te zijn geweest, is ze uiteindelijk de vierde keer gesprongen. Haar familie heeft haar laten gaan.

Na Digna kwam Roos (62). Ik sprak haar al eventjes buiten de interviewzaal. Wat een prachtig mens en wat leek ze midden in haar leven te staan. Ze sprak vol blijdschap en ze straalde zelfs af en toe. Toen ik dit tegen haar zei, vertelde ze me dat ze al vijf flinke depressies gehad heeft. Ook Roos zit bij de vereniging voor euthanasie. Ze zei dat ze de pil wel in huis mag hebben, maar dat ze dat nog niet wilt. Voor haar is euthanasie een vreedzame manier van sterven. Als ze de pil in huis heeft is ze bang dat ze hem neemt in een moment van wanhoop en dat wilt ze absoluut niet.

Het moment dat ik foto’s ging maken met Roos zag ik haar opleven. Ze had een mooie blauwe jurk uitgekozen met een bloemenkransje op haar hoofd. Ook wilde ze hoge blauwe hakken aan, in maat 42. We liepen naar buiten om een goede plek te zoeken en ze vloog zo wat over de grijze tegels van de stoel. Ik voelde mezelf ook opleven na alle heftige en zware verhalen. Ze vertelde me dat ze zich zo vrouwelijk voelde. Net als die ene keer dat ze een date had met een mooie man. Ze had toen geen slipje aangetrokken waardoor ze zichzelf optimaal voelde. En het was spannend. Dat gevoel had ze nu weer.
(…Roos en moederrensen)

Als laatste kwam Elish (86). Wat een geweldige vrouw en wat een plaatje. Samen met haar hond Boef kwam ze op bezoek om haar verhaal te vertellen. Ze zat aan de linkerkant van de tafel. Boef lag naast haar te grommen en Elish had een glas rode wijn in haar hand. Haar grijze haren stonden overeind en ze zat er lekker op haar gemak. Elish heeft nog heel veel plezier in haar leven. Ze wil ook zeker nog niet dood. Wel heeft ze een zakje poeder in haar kluis liggen. Puur voor het geval dat ze dement wordt of te veel pijn krijgt door haar ouderdom. Voor nu geniet ze nog erg van wandelen in de natuur met boef en ook rode wijn vindt ze heerlijk.
(…onafhankelijk)

Wie wil spreken?
Het lijkt steeds moeilijker om sprekers te vinden. We zouden nog heel graag iemand willen spreken die dementie heeft en dus geen doodverklaring meer kan aanvragen. Verder heb ik Jeroen gesproken. Een jongen waarvan zijn broer is overleden, maar ook hij twijfelt om te komen. Ook zou Emma komen spreken, een vrouw van 32 met borderline. Ze vond het toch te lastig en heeft afgezegd.

Ik heb Jan nog eens gebeld. Het voelde fijn om hem nog even te spreken nadat hij was langs gekomen. Hij vond het een mooie ervaring en dat het goed geregeld was. Op een gegeven moment zei hij wel dat sommige vragen hem hadden overvallen. Toen ik vroeg welke vraag dat was zei hij dat het de vraag was hoe hij en Ankie elkaar hadden leren kennen. Ik realiseerde me dat die vraag van mij gekomen was. Toen ik dat zei moesten we samen een beetje grinniken.

De stem van iemand die wat verder staat
Vandaag kwam Tess (33) op bezoek om te vertellen. Tess is een Veearts. Even een heel ander perspectief, maar ook Tess heeft te maken met euthanasie. Het grote verschil is dat de keuze van doodgaan helemaal bij de mensen ligt en niet bij de dieren zelf. Als een koe ziek is wordt hij op tijd geslacht zodat hij toch nog gegeten kan worden. Als hij niet meer gegeten kan worden word hij aan de weg gelegd waarna hij word opgehaald en wordt verbrand. Geen begrafenis, niks. Wel is het lijden bij een dier makkelijker te besparen dan bij mensen. Dieren hoeven geen euthanasietraject in. Die krijgt een kogel door zijn hoofd en klaar. Verder zijn er geen regels bij dierendoding. De arts bepaald of het dier door mag of niet. Wat ik een grappige constatering vond, was dat Tess zonder in haar veearts rol geen dieren durfde door te maken. Ze heeft een keer een duif aangereden, die ze naar de dierenarts heeft gebracht.
Op een gegeven moment werd Tess de vraag gesteld of ze denkt dat dieren ook zelfmoordneigingen kunnen hebben. Toen vertelde ze dat haar vis een keer uit de kom is gesprongen, maar dat ze niet wist of dit met opzet was. Verder vertelde ze dat lemmingen wel zelfmoord lijken te plegen. Deze springen namelijk wel is van een rots.
(…dierenarts)

Na Tess kwam Theo (53). Hij is de directeur van het Buitenhof. Dit is een huis waar dagbesteding is voor demente mensen. Dit was een bijzonder gesprek. Theo heeft mij een heel andere kant van dementie laten zien. Het viel mij op dat bijna iedereen wie ik over dit onderwerp spreek, dood wil als hij/zij dement wordt. Theo zei heel terecht; “Ben je perse ongelukkig als je je kinderen niet meer herkent? Moet je dan dood?” Mensen met dementie leven heel erg in het nu, juist omdat ze geen herinneringen meer hebben. ‘Een boeddhist zou er jaloers op zijn’, zei Theo. Veel mensen willen niet afhankelijk zijn en als je dement bent, word je dat wel. Dat is een reden voor veel mensen om dood te willen. Maar Theo vind dat mensen zich moeten beseffen dat je niet minder mens bent als iemand anders je billen moet afvegen. Mensen moeten kunnen het leven, zoals het loopt, accepteren.
Vaak is het ook zo dat de dementerende nog vrij gelukkig is, maar dat omstanders het erg vinden om te zien. Daar had ik ook nog nooit over nagedacht. Ik vroeg aan Theo hoe het voor hem was om in deze omgeving te werken. Hij zei dat je toch een bepaalde afstand moet houden, anders word het jouw verhaal met jouw verdriet. Zo kan je de mensen niet meer bijstaan. Maar dat betekend niet dat je niet een band kan hebben met de mensen. Je mag zelfs samen huilen, lachen en boos zijn door de omstandigheden.
(…toeschouwer)

Na Theo kwam Jos. Hij is huisarts. Bij het gesprek met hem werd voor mij heel duidelijk dat het verschil tussen psychische ziektes en lichamelijke ziektes nog erg groot is. Jos heeft vijf mensen geholpen met euthanasie. Alle vijf hadden ze lichamelijke klachten die uitzichtloos waren. Jos wil geen mensen helpen met euthanasie die psychische klachten zijn. “Dan kan je half Nederland om maaien”, zei hij. Ik vind het wel merkwaardig dat het verschil zo verschrikkelijk groot is tussen lichamelijk lijden en psychisch lijden. Bijna dat het lijkt alsof het psychisch lijden er niet mag zijn. Fysiek lijden is objectief en psychisch lijden is subjectief. “Daar ligt het hele probleem”, zei Jos. Ik vroeg aan Jos hoe het is om de regie over iemands leven te hebben. Hij zei dat je daar mee om leert gaan. Voor dit vak is het in elk geval zeker dat je vrij nuchter moet zijn, vind Jos. Het was voor mij ook net alsof Jos in een bepaalde huisarts rol stapte toen hij op de vertel stoel ging zitten. Ik kon me niet voorstellen dat hij in het ‘echt’ ook zo nuchter kon vertellen. Hij zei namelijk dat het hem niet zo veel deed als er iemand overleed. Dit kwam ook omdat hij samen met zijn patiënt naar het moment toe werkt.
(…mens)

Deze week gaven de gesprekken een ander inzicht aan het stuk. Tot nu toe hadden we sprekers gehad die of heel dichtbij iemand stonden die euthanasie wilde, of mensen die er zelf midden in stonden. De mensen die deze week zijn gekomen hebben veel te maken met euthanasie, maar staan toch op een afstand. Dat bracht een nieuwe manier van kijken met zich mee.

Een eerste vorm
Vandaag had ik Jeroen aan de telefoon. Jeroen is 24 jaar en is 6 jaar geleden zijn broer verloren. Hij zag het leven niet meer zitten en heeft er zelf een einde aan gemaakt. Jeroen is heel bijzonder. Hij schrijft op zijn Facebookpagina mooie brieven aan zijn broer Bo. Het gesprek dat ik met Jeroen had was fijn. Het scheelde dat ik hem al ken van vroeger, maar dat het zo open zou zijn had ik niet verwacht. Hij komt woensdag 17 oktober langs om zijn verhaal te vertellen.

Verder gaat het goed met mijn fotocollage. Het worden mooie foto’s. Wel moest ik even nadenken hoe ik de arts, veearts en de directeur van het Buitenhof op de foto wilde zetten. Ik heb ervoor gekozen om hen in hun eigen kleding te fotograferen. Dit omdat ze op een andere manier met euthanasie te maken hebben.

Ook het repetitieproces is van start gegaan afgelopen zondag. Na de gesprekken met de sprekers hebben we een vorm uitgeprobeerd: één speler ging aan linkerkant van de tafel zitten en de andere speler aan de rechterkant. Beide hadden ze een koptelefoon op. De ene speler kreeg de tekst van de interviewer door en de andere speler de tekst van de verteller. Ze moesten meteen met de tekst mee praten. Dit nam een interessante vorm aan en zo werd het ergens ook al theatraal.

Nog meer sprekers, nog meer inzichten
Vandaag zijn er vier nieuwe sprekers geweest. De eerste spreekster van Madelon (40). Haar moeder Cody is dement. Cody wilt graag dood. Ze is heel bang en verdrietig en verdwaald in zichzelf, maar ze mag geen euthanasie omdat ze geen wilsverklaring heeft kunnen ondertekenen. Nu ze aan dementie lijdt is ze te laat. De wet is dus erg krom vind Madelon: of je gaat te vroeg, of het kan niet meer. 
Fysiek voelt Cody nog als de moeder van Madelon, maar psychisch niet meer. Ze mist de kleine dingen in haar moeder. Ze kan nu niet meer bellen en vragen wat er ook al weer in dat ene recept moet. 
(…van mijn moeder houden)

Ook Emma (17) is vandaag komen spreken. Met haar jas nog aan ging ze schichtig aan de interviewtafel zitten. Ik had het meteen met haar te doen. Emma heeft enige tijd geleden proberen een einde te maken aan haar leven. Ze heeft een overdosis genomen met allerlei verschillende pillen. Welke pillen het waren wist ze niet precies. Toen ze de volgende ochtend wakker werd was ze niet blij of boos dat het niet gelukt was. Ze had er op dat moment nog niet echt een gevoel bij. 
Vroeger is Emma veel gepest en ze is meerdere keren aangerand door haar eerste vriend. Hierdoor is ze in een depressie terecht gekomen en ook kreeg ze een eetstoornis. 
Op dit moment voelt ze zich veel sterker dan ooit. Ze heeft zich beseft dat het leven waardevol is. Achteraf gezien had ze geen doodswens, maar ze wilde af van de pijn die ze had. 
Emma heeft een eigen site waar ze haar verhaal op deelt. Hoe ik haar in het echt hem mogen ontmoeten en hoe ze op haar site overkomt, is een grootverschil. Hoe ze bij mijn fotocollage als een mooi, puur maar onzeker meisje overkwam, is ze op haar site een soort ‘instagirl’. Ik vond dit zo haaks staan op haar verhaal. Ze is onzeker geworden door instagram en de perfectie die daarop te zien is, maar toch laat ze zichzelf zo op haar site zien. Dit vond ik een interessant gegeven.
(…sterk)

Na Emma kwam Youri (33) spreken. Youri is pastoraal werker in de kerk. We hadden hem uitgenodigd, omdat we nog niemand hadden gesproken die ‘tegen’ euthanasie is.
Volgens Youri is een leven nooit voltooid; Elk leven, hoe pijnlijk ook, blijft zinvol. Wij bezitten het leven niet, we hebben het gekregen en we moeten het zo goed mogelijk zien te doorstaan. Jezus heeft ook geleden dus wij als mensen lijden soms ook. Dat is geen reden om een einde aan je leven te maken, aldus Youri. 
Volgens Youri draait het dus vooral om acceptatie. Accepteren dat je ziek wordt, accepteren dat je niet meer kan lopen, accepteren dat je geen herinneringen meer hebt, etc. Als je als mens kan accepteren dat het leven ook lijden betekend, kan je je leven op een rustige manier afmaken.
“Waar ga jij heen als je dood bent?” “Naar de hemel, een hemel waarin ik alles nog kan doen wat ik had willen doen. Een hemel met vrienden en ontmoetingen. Een hemel waarin iedereen volkomen gaaf en mooi is.”
(…het gebroken leven mooi vinden)

Ook Elsemiek (39) is vandaag komen spreken. Ze heeft toen ze zwanger was een test laten doen of haar kind het syndroom van down zou hebben. Toen het antwoord ‘ja’ bleek te zijn heeft ze goed moeten nadenken wat ze met het kindje wilde. Ze had niet alleen naar zichzelf te kijken, maar ook naar haar oudere zoon en haar man. Het lastige van het syndroom van down is dat het niet te meten is in welke mate de ernst van de aandoening is. Omdat mensen het down ook 60/70 jaar kunnen worden en Elsemiek en haar man hun oudere zoon er niet voor wilde laten ‘opdraaien’, hebben ze besloten het kindje weg te laten halen.
(…moeder van Anders)

Twee moeders en Jeroen
De volgende spreekster was Angela. Angela heeft mij heel erg geraakt met haar verhaal. Ze heeft mij laten inzien hoe krom het beleid in Nederland soms is. 
Angela was zwanger van haar tweede kindje Myra. Toen Myra vier maanden oud was maakte ze ineens geen oogcontact meer. Vanaf dat moment is Angela op haar kindje gaan letten en merkte dat er iets goed mis was met Myra. Bij het ziekenhuis kwamen ze erachter dat Myra aan heftige epilepsie leed. Myra kon niks meer en soms huilde ze weken achter elkaar. Haar leven was ondragelijk. Het ziekenhuis heeft toestemming gegeven dat Myra mocht overlijden, maar omdat ze nog maar veertien jaar was, geen wilsverklaring kon ondertekenen en gezonde longen en nieren had, mocht het ziekenhuis geen euthanasie toedienen. Dus: het kind mag sterven, maar het ziekenhuis houdt zich verder buiten. Te bizar voor woorden. Dit betekend dat Angela en haar man Myra hebben moeten laten uitdrogen door geen eten en drinken meer te geven. Twee weken lang hebben ze moeten toekijken hoe hun eigen kind aan het sterven was, omdat het beleid in Nederland, wat dit betreft, laf en onrechtvaardig is. 
(…ook gelukkig en blij)

Ook Sarike (53) kwam vandaag spreken. Haar eerste kindje Bram werd zwaar gehandicapt geboren. Hij heeft ernstige epilepsie.  Bram is nu twintig. Hij heeft tot zijn tiende alleen maar gehuild en toen hij daarmee ophield deed hij niks meer. Volgens Sarike herkent hij ook niemand meer. 
‘Ik heb veel verdriet en boosheid, het leven is mij afgenomen’. Sarike was een echte zakenvrouw, toen Bram op de wereld kwam heeft ze alles voor hem moeten opgeven. Toch kan ze er niet voor kiezen om het leven van Bram te beëindigen. Hoe Sarike over haar situatie spreek vind ik bewonderenswaardig. Ze heeft nog twee andere kinderen en ze leert bijna om hen niet van Bram te laten houden. ‘Na een jeugd met Bram, mogen ze niet ook nog een verder leven met Bram’. ‘Als ik doodga, dan gaat hij met me mee, al is het tien minuten eerder’. Sarike wil het verhaal vertellen zo als het is. ‘Hij stinkt ook, en hij is ook vies, als het slijm uit je mond hangt dan bent je gewoon vies’. Door al deze woorden door zie ik ook hoe veel liefde ze voor haar zoon heeft. Door haar mooie en confronterende woorden neemt ze me mee in haar gedachtengang. 
‘Bram is aandoenlijk en lief, hij is een mooie gehandicapten.’ ‘We noemen hem James Bond.’
(…ambitieus, wat ik ook doe)

De laatste spreker van het project was Jeroen (23).Zes jaar geleden is zijn broertje Bo voor de trein gesprongen. Dit deed hij ééndag voor de verjaardag van Jeroen. 
Boos en teleurgesteld is Jeroen achtergebleven. Niemand had dit zien aankomen en dat maakt de klap nog groter. Volgens Jeroen had Bo wel schulden, maar die schuld had nooit veel kunnen zijn. Ook dacht Bo dat wanneer hij er niet meer zou zijn, dat alle familieproblemen die er waren opgelost zouden worden. Gek genoeg heeft hij daar gelijk in gekregen. 
Toen Jeroen te horen kreeg wat er gebeurd was, wilde hij zichzelf ook ‘van kant’ maken. Hij kon geen verantwoordelijkheden meer nemen en hij bracht vooral blowend de dag door. Nu, zes jaar later, kan Jeroen weer genieten. Hij geniet van de zon en van bijeenkomen met zijn familie. Toch zijn ze achtergebleven met een een groot onbeantwoord gevoel. 
Toen we Jeroen de vraag stelde of er op een humanere manier zelfmoord gepleegd moet kunnen worden, zei hij ‘nee’. ‘Het moet de impact behouden, jongeren mogen er geen eind aan maken.’
(…leven)

Mijn fotoproject
Aan de hand van al deze interviews heb ik foto’s gemaakt van alle sprekers. Omdat zij de grondlegging van ons verhaal zijn en verder nergens in genoemd werden, wilde ik hun een gezicht geven. 
Ik heb iedereen apart gevraagd  om de zin “Toch ben en blijf ik…” af te maken. Dit, omdat ik benieuwd was wat er van je overblijft als je zoiets heftigs als de sprekers hebt meegemaakt rondom het thema ‘voltooit leven’.
Iedereen heeft de zin afgemaakt en aan de hand daarvan gingen we samen, na het interview, het kostuumhok in. Ik wilde er een theatrale wending aan geven, omdat ik van mening ben dat het gevoel wat er zit nog meer tot uiting kan komen. Iedereen koos kleding uit waarmee ze het meeste als zichzelf naar voren kwamen en juist door de theatraliteit, wordt dit extra benadrukt. 
Met alle mensen ben ik persoonlijk de kleding gaan uitzoeken en het was heel bizar om bijvoorbeeld met Roos door het kostuumhok te lopen. Ze leefde helemaal op en straalde. Tegelijkertijd besefte ik me dat ze dood wilde. 
Toen Roos haar jurk had uitgekozen voelde ze zich heel mooi. Ze vertelde me dat ze zich hetzelfde voelde als een tijdje geleden. Ze had toen een date en onder haar jurk had ze geen slipje aangetrokken. Dat was spannend en leuk. Zo voelde ze zich nu ook weer. Dat vond ik een erg grappige vergelijking.
Het was fijn om te merken dat ik op deze manier nog dichter bij de mensen mocht komen en dat ze zich op die manier open durfde te stellen naar mij.

Hoe de fotocollage goed tot zijn recht kwam was een zoektocht. Ik merk een verschil in de eerste foto die ik heb gemaakt en de laatste. In eerste instantie wist ik nog niet of ik iedereen op dezelfde foto wilde zetten en welke betekenis de kleding precies zou hebben. Tijdens het maken van de foto’s kwam ik steeds meer achter de betekenis van de foto’s en wat ik er precies mee wilde. 
Ik ben nog helemaal geen pro met de camera dus ook dit was even zoeken. Bijvoorbeeld de foto van Youri is kwa belichting niet helemaal goed gegaan. Zijn gezicht is heel donker, maar op de foto zie je ook een kerkje. Youri is pastoraal werker en wilde daarom graag met de kerk op de foto. Ik moest toen de afweging maken of ik de belichting belangrijker vond, of de sfeer en de plek van de foto. De sprekers mochten zelf hun kleding, maar ook de plek van de foto uitkiezen. Daarom was het voor mij al snel duidelijk dat de belichting minder belangrijk was dan de plek. 

Het stuk
Na alle gesprekken en interviews zijn we begonnen aan het stuk. We gaan het vormgeven en kijken hoe de gesprekken het beste tot uiting komen. 
Bram heeft het eigenlijk al helemaal voor ogen; de gesprekken die zijn opgenomen zijn gemonteerd tot ongeveer 5 minuten per gesprek. De spelers hebben oortjes in en hierdoor worden de gesprekken afgespeeld. De spelers moeten precies dezelfde tekst zeggen als die ze horen. 
In het midden staat een tafel. Aan de ene kant zit een speler die de interviewer is en aan de andere kant zit een speler die de spreker speelt. Als het gesprek klaar is, wordt er met de tafels een overgang gemaakt door deze te verplaatsen in de ruimte, of er komt een tafel bij. Het stuk begint met het gesprek van de pastoor en het eindigt met het gesprek met de dierenarts. Bram wilde zo de loop van het bovenaardse tot en met het dierlijke in de mens laten zien, en alles wat daar tussen zit.
Het stuk is heel goed ontvangen. Waarschijnlijk gaan we het stuk hernemen en deze ook voor instellingen laten zien, zoals bijvoorbeeld zorginstellingen.

In het vooronderzoek kon ik me heel goed bewegen en was het duidelijk wat er precies van mij verlangt werd. Dit gaf me houvast en een duidelijke structuur. In de werkweek merkte ik dat ik het soms lastig vond om mijn plek te bepalen. Bram was de regisseur en had al goed voor ogen wat hij wilde. De gesprekken waren geweest en daardoor begon ik soms een beetje te zweven. Normaal gesproken sta ik ook aan de andere kant. Normaal gesproken ben ik een speelster die geleid wordt door het productieteam en nu was ik degene die in het productieteam zat. Dit was een heel andere manier van werken. 
Gelukkig had ik mijn expositie van mijn foto’s die getoond gingen worden. Hierdoor kon ik me daar veel op richten. 

Al met al was het een heel erg goede ervaring. Ik heb enorm veel geleerd over het onderwerp “voltooid leven’. Het heeft me veel verschillende kanten laten zien en het heeft me vooral doen nadenken. Wanneer is een leven nou voltooid? Het gekke is, is dat ik daar nog steeds niet uit ben. Zelfs niet na een langdurig project waarin dit het hoofdthema is. Ik vind dat er bij iedereen persoonlijk moet worden gekeken wat de toestand is. Als het protocol is dat iemand zelf een wilsverklaring moet ondertekenen voordat hij/zij dood mag, maar hij/zij zo gehandicapt is dat hij/zij dat niet kan, dan vind ik het belachelijk dat de doktoren het zo ver laten komen dat de ouders het kind moeten laten uithongeren (zie kopje ‘twee moeders en Jeroen’) Dat dit gebeurd doet mij erg veel en dit is nog niet eens het enige voorbeeld. 

Ik ben dankbaar voor alle mooie mensen die ik heb mogen ontmoeten en voor de verhalen die ze bijdragen. Ik vond het bijzonder hoe open iedereen was en dat de drang zo groot was om er over te vertellen. Deze mensen willen deuren openbreken en laten zien wat er speelt. Dat is precies wat ik ook wil met mijn verhalen rondom journalistiek.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *